Padoek

Botanische naam

M’bèl (Kameroen, Gabon), palo roja (Guinee), osun (Nigeria), kisésé, n\’gula, mukula, mongola (Kongo, Zaïre), mwangura (Oost-Afrika), African padauk, barwood (Groot-Brittannië), padouk, corail (Frankrijk). Pterocarpus soyauxii Taubert. Leguminosae (Papilionaceae).

Toepassingen

Geschikt voor buitentoepassingen in constructies, terrassen, bruggen, brugdekken en brugleuningen en waterwerken in zoet water zoals steigers.

Groeigebied

Tropisch West-Afrika.

Kleur

Het kernhout van Afrikaans padoek is fraai fel oranjeachtig rood, ook wel koraalrood genoemd, vandaar ook wel de naam corail. Bij blootstelling aan het licht verkleurt deze tint snel tot vaalroodbruin en op de lange duur tot zwartbruin. Wanneer het hout tijdig wordt afgelakt met een zuurhardende blanke lak, blijft de fraaie kleur langer behouden. Het 100-200 mm brede spint is vuilwit tot crèmekleurig. Afrikaans padoek is een uitstekende, duurzame, fraaie en stabiele houtsoort. Indisch padoek (Pterocarpus indicus Willd.) is licht geelbruin tot roodachtig bruin met soms donkere onregelmatige strepen.

Gewicht

(620-)720- 740-820(-900) kg/m3 bij 12% vochtgehalte, vers 900-1000 kg/ m3.

Kernhout resistentie

Duurzaamheidsklasse 1-2. Solomon padoek bovengronds 1. Termieten D.

Sterkteklasse

D50. Soms lichte kruisdraad. Droogt vrij langzaam, met weinig kwaliteitsverlies. In verband met de geringe krimp bestaat tijdens natuurlijke droging weinig kans op vervorming. Alleen bij versnelde droging kunnen wat kopscheuren en diepe haarscheuren ontstaan. Lijmen gaat goed. Bij Solomon padoek slecht voor geveltimmerwerk.

Eigenschappen

Loofhout. Boomhoogte 25-35 m. De 10-20 m lange, takvrije, rechte cilindrisch gegroeide stam heeft een diameter van 0,5-1,0(-1,5) m. Stammen dikker dan 1,0 m moeten worden vermeden vanwege het gevaar voor hartgebreken. Aan de stamvoet komen vrij zware, lage wortelaanzettingen voor. Goed te bewerken, zowel met handgereedschap als met houtbewerkingsmachines goed te bewerken. Bij onregelmatig draadverloop kan het schaven van het radiale vlak vanzelfsprekend wat moeilijkheden geven. Het hout laat zich uitstekend draaien en de verwerking tot fineer levert, vooral gestoomd, geen problemen op. Padoek bevat inhoudsstoffen die er de oorzaak van zijn dat verwondingen door splinters flinke ontstekingen kunnen veroorzaken. Padoekstof dat tijdens bewerken ontstaat, kan bij daarvoor gevoelige personen ademhalingsproblemen veroorzaken.
Behalve Afrikaans padoek bestaat er ook Andaman en Indisch padoek. Andaman padoek wordt in Nederland weinig verhandeld. De eigenschappen komen grotendeels overeen met het hierboven beschreven padoek. Andere namen: Angsana (Java, Sabah), Salomon padoek (Salomon eilanden), sono kembang (Indonesië), narra, rosewood. Zogenaamde wortelknollen van Indisch padoek (Pterocarpus indicus Willd.) van het Indonesische eiland Seram (Molukken) lever(d)en het Ambons wortelhout, Amboyna of loupe d’Amboine. Het aan padoek verwante muninga wordt de laatste jaren wel ingevoerd en wordt apart in deze uitgave beschreven.

× Vragen? Chat

Pin It on Pinterest

Share This