Houtrook bevat veel stoffen met effecten op korte en lange termijn. Voor zover bekend is fijn stof afkomstig van houtverbranding niet duidelijk meer of minder schadelijk dan fijn stof afkomstig van andere bronnen, zoals het verkeer. Blootstelling aan houtrook wordt in sommige studies geassocieerd met meer hart- en vaataandoeningen, luchtwegklachten en een verslechterde longfunctie. Andere studies laten geen relatie met negatieve gezondheidseffecten zien.

 

houtrook

Het gebruik van open haarden, inzethaarden en vrijstaande kachels voor het verwarmen van woningen neemt de laatste jaren toe. Ongeveer 20% van de Nederlandse huishoudens bezit een met hout gestookte installatie. Het stoken van hout kan voor omwonenden overlast opleveren in de vorm van geurhinder, gezondheidsklachten en roetneerslag.

Houtrook bestaat uit een mengsel van zeer veel verschillende stoffen. Het gaat naast koolstofdioxide en water om een complexe mix van gassen en deeltjes. Een greep uit de verscheidenheid aan stoffen die vrij kunnen komen bij houtverbranding:

  • fijn stof (waaronder ultra fijn stof)
  • anorganische gassen (koolmonoxide, stikstofoxiden)
  • vluchtige organische stoffen (benzeen, styreen, 1,3-butadieen, n-hexaan)
  • polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s, waaronder benzo(a)pyreen, dioxines)
  • methoxyfenolen
  • organische zuren (azijnzuur)
  • aldehyden, fenolen, levoglucosan en quinonen